Gezien in Strijen

Samen een straatje om

In meer dan 1000 jaar is Strijen gegroeid, van de kaart geveegd, opnieuw opgebouwd en weer gegroeid. In de vorige eeuw kreeg Strijen uiteindelijk zijn huidige uitstraling met het centrum als hart, met daaromheen de woonwijken en aan de buitenrand de industrie. Het aantal straten groeide daarbij naar het huidige aantal, waarvan de meeste bestraat met klinkers en een klein gedeelte werd geasfalteerd.

 

Sinds 1851 is het wettelijk vastgesteld dat de straatnaam officieel geregistreerd wordt. Voor die tijd waren er weliswaar straatnamen, maar die stonden niet geregistreerd, en sommige straten in kleine dorpen hadden gewoon geen naam nodig omdat er slechts een paar huizen stonden. Na 1851 moest een straat een naam hebben. Deze straatnaam werd bepaald door het college van Burgemeester en Wethouders, net zoals dat heden ten dage gebeurt. Veelal werden de vaak al ingeburgerde straatnamen gekozen voor de overzichtelijkheid.

 

Deze namen verwezen vaak naar een eigenschap (Langstraat), een handel of ambacht (Vismarkt of Houtwerkerssteeg) of een bekend persoon genoemd. Met de wederopbouw van Nederland en de uitbreiding van de steden en dorpen met hele wijken werden straten genoemd naar een bepaald thema, waarbij het Koningshuis, vogels en rivieren als naam voor een straat gingen dienen, en die dan de naam ven de wijk weer verklaarden. Interessant wordt het als er schijnbaar geen direct verband is tussen de straatnaam en de locatie, of als er een persoonsnaam wordt gebruikt die geen landelijke bekendheid geniet. Waar komt zo’n straatnaam vandaan, en in welke relatie moeten wij die naam zien? Ik wil u graag meenemen door Strijen om een aantal straatnamen onder de loep te nemen en de naamgevers een kort portret te geven.

 

De Talmastraat

Ingeklemd tussen de Troelstrastraat en de Thorbeckestraat ligt de Talmastraat. Syb Talma was een domineeszoon uit Angeren (Gld.) Hij stapte in eerste instantie in de voetsporen van zijn vader als predikant in onder andere Heinenoord. Syb Talma was sociaal bevlogen en zette zich in voor de protestantse arbeidersbond Patrimonium, die later de grondlegging vormde voor de vakbond CNV. Talma werd Tweede Kamerlid voor de Antirevolutionaire Partij van Abraham Kuyper, en in 1908 werd hij minister van Landbouw, Nijverheid en Handel. In die hoedanigheid was hij ook verantwoordelijk voor het sociale wetgeving in Nederland. Als minister is hij betrokken bij het sociale vangnet zoals dat heden ten dage bij ons bekend is. Talma realiseerde de eerste oudedagsvoorzieningswetgeving, die de arbeider in staat stelde om vanaf 70 jaar van het ouderdomspensioen te genieten. Deze wet is later door Willem Drees omgevormd tot de huidige AOW. Syb Talma overleed in Haarlem na een ziektebed; hij mocht slechts 52 jaar oud worden.

 

De Ansfriedstraat en de Hilsondusstraat

De Ansfriedstraat en de Hilsondusstraat zijn twee straten in de meest recent aangelegde woonwijk in Strijen. Waar andere straatnamen verwijzen naar geschiedkundige eigenaren of edelen van Strijen, waren Graaf Ansfried en zijn echtgenote Hilsondis het onderdeel van een stukje valsheid in geschrifte. Hoewel het bewezen is dat Graaf Ansfried heeft bestaan (hij was rond 975 de stichter van het klooster van Thorn) is het ook bewezen dat de erfopvolging, die tot een Graafschap Strijen (en daarbij Breda) zou leiden, vals waren. Een en ander zou de opzet zijn geweest van een klerk, genaamd Tobias de Laet in opdracht van zijn neef: Michiel Piggen, die rond 1580 en 1587 raads-ordinaris was in Breda. De hele opzet was waarschijnlijk bedoeld om Breda uit handen te houden van de Spaanse koning Filips II, of om de belangen van de prinsen Maurits en Frederik-Hendrik na de dood van hun vader (Willem van Oranje) te ondersteunen.

 

Het Dingenis Sanderseplein

Als eerbetoon aan de verzetsheld Dingenis Sanderse is er een plein, wat tussen de Kerk en het oude gemeentehuis (nu Kantoor Overwater) ligt, naar deze jonge man vernoemd. Dingenis Sanderse zat in de nadagen van de Tweede Wereldoorlog in het Strijense verzet. Samen met zijn broer was hij onder andere verantwoordelijk voor de crossings: het overzetten van vluchtelingen, koeriers of piloten, waarvan het vliegtuig neergeschoten was. Rond de Kerstdagen van 1944 waren er 15 mensen die ‘naar de overkant’ wilden, wat inmiddels bevrijd gebied was. Omdat de patrouilles, in tegenstelling tot de verwachting, uitgebreid waren rond deze dagen werd de groep opgespoord. Tijdens de beschieting liet één man het leven. Een aantal konden vluchten, maar Dingenis Sanderse en zijn zwager Ad Swenne werden gearresteerd en overgebracht naar de Rotterdamse gevangenis aan Het Haagse Veer. Rond die tijd werd een Duitse soldaat in Bergschenhoek door een Nederlander doodgeschoten. Omdat de Duitse commandant vergelding wilde voor deze daad werden er tien gevangenen uit Het Haagse Veer doodgeschoten. Dingenis Sanderse, slechts 23 jaar oud, was samen met zijn zwager Ad één van de noodlottigen.

Gemaakt met door Schot Marketing & Communicatie